3min Personeel

47 procent van technische professionals wil weg uit Nederland

47 procent van technische professionals wil weg uit Nederland

Bijna de helft van de bèta-technische professionals in Nederland overweegt het land te verlaten. Van hen heeft 60 procent al een baan gevonden in het buitenland. Dat blijkt uit onderzoek van YouGov in opdracht van recruitmentorganisatie SThree.

Met een percentage van 47 procent van overwegers scoort Nederland fors boven het wereldwijde gemiddelde van 36 procent. In Duitsland overweegt 44 procent te vertrekken, in het Verenigd Koninkrijk bedraagt dat 37 procent en in de Verenigde Staten 32 procent.

Maar genoemde 47 procent is niet alleen een getal. Van de in Nederland gevestigde bèta-technische professionals werd het afgelopen jaar namelijk al 44 procent actief benaderd door een buitenlandse werkgever. Internationale concurrenten richten zich dus ook steeds vaker en bewust op aanwezig talent in Nederland.

Er wordt fors geïnvesteerd in onderwijs en innovatie-ecosystemen. Concurrerende economieën profiteren steeds vaker van die investeringen, doordat hoogopgeleide professionals vertrekken. TU Delft waarschuwde al eerder dat het oplossen van het ingenieurstekort een structurele talentstrategie vereist.

Ingenieurs het zwaarst getroffen

De impact is het grootst in de ingenieurssector. Maar liefst 88 procent van de werkgevers meldt dat projecten worden getroffen door het verlies van technische experts. Dat is het hoogste percentage binnen alle bèta-technische sectoren. Ingenieurs beschikken over gespecialiseerde kennis die nauw verbonden is aan specifieke sectoren of technologieën en dat maakt hen moeilijk te vervangen.

Daar komt bij dat technische projecten in deze sector vaak langere doorlooptijden kennen, aldus het onderzoek. Uitval halverwege raakt daardoor infrastructuur- en energieprojecten extra hard.

Jong talent trekt weg

Van de professionals die overwegen te vertrekken of dat al plannen, is ruim de helft (55 procent) tussen de 20 en 34 jaar oud. Bij 50-plussers is dat iets meer dan een derde (36 procent). De beweegredenen zijn uiteenlopend. Zo worden onder andere hogere salarissen, betere werk-privébalans, toegang tot baanbrekende projecten en innovatievere werkomgevingen genoemd om naar het buitenland te vertrekken.

Dat roept weer vragen op over de positie van Nederland als opleidingsland. Jongeren worden hier klaargestoomd, maar maken hun carrière elders. Nederland scoort ook al slecht als het gaat om vrouwen in technische beroepen, wat de krapte op de bèta-technische arbeidsmarkt nog verder vergroot.

Meer dan vier op de vijf (81 procent) van de bèta-technische werkgevers in Nederland ziet nu al dat de bedrijfsvoering matig tot ernstig wordt beïnvloed door het verlies van expertise. Werkgevers melden vertraagde projecten en druk op innovatiepijplijnen.

Margot van Soest, Managing Director Nederland en Spanje bij SThree, stelt: “Nederland moet zich voorbereiden op deze toenemende beweging onder bèta-technische specialisten. Gekwalificeerde professionals hebben tegenwoordig de vrijheid om te kiezen waar zij wonen en werken – en zij maken gebruik van die vrijheid.”

Alle cijfers uit het onderzoek zijn, tenzij anders vermeld, afkomstig van YouGov Plc. De totale steekproefomvang bedroeg 911 STEM-werknemers in Nederland die via online-enquêtes werden bevraagd. Het veldwerk werd uitgevoerd tussen 11 juli en 27 augustus 2025.