Kamer wil DigiD-servers in Nederlandse handen houden

Kamer wil DigiD-servers in Nederlandse handen houden

De Tweede Kamer heeft twee moties aangenomen die de overheid oproepen de digitale infrastructuur achter DigiD in Nederlandse of Europese handen te houden. Aanleiding is de geplande overname van cloudbedrijf Solvinity door het Amerikaanse Kyndryl. Ook een motie over stresstests bij ministeries haalde een meerderheid.

Een brede meerderheid van Kamerpartijen stemde voor de motie, ingediend door GroenLinks-PvdA, SGP, CDA, Volt, D66 en meerdere andere fracties. De regering wordt verzocht servers, opslag, infrastructuur en beveiliging van DigiD bij voorkeur in Nederlandse en anders in Europese handen te houden.

Kyndryl kondigde de overname van Solvinity in november 2025 aan. Een Nederlandse investeerder deed ook een bod, maar dat was net niet voldoende. De Autoriteit Consument & Markt oordeelde dat de overname geen nieuwe concurrentieproblemen oplevert en gaf eerder al groen licht. De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken stelde eerder dat DigiD Nederlands blijft, zowel qua software als infrastructuur. Dat is iets waaraan de Kamer de regering nu ook expliciet houdt. De Kamer sloeg al eerder alarm over de overname.

Stresstest bij ministeries

Een tweede motie gaat over de bredere afhankelijkheid van de rijksoverheid aan Amerikaanse techbedrijven. De motie roept op tot een test waarbij clouddiensten kortstondig afgeschakeld worden om de impact van een plotselinge uitval te meten. Deze test moet in kaart brengen wat er gebeurt als een Amerikaanse provider zich (geopolitiek gedwongen) terugtrekt of failliet gaat. De uitkomst van deze tests zal waarschijnlijk dienen als munitie om de bouw van een eigen ‘staats-cloud’ of een strikt Europees alternatief te rechtvaardigen.

Kyndryl kampt intussen ook buiten Nederland met problemen. Er wordt daarnaast ook nog gekeken naar nationale veiligheidsrisico’s van de overname. Het kabinet is niet verplicht aangenomen moties uit te voeren, maar doet dat over het algemeen wel.

ACM versus Wet Vifo

Hoewel de ACM de overname dus heeft goedgekeurd op basis van de Mededingingswet, betekent dit niet dat de deal geheel rond is. De ACM kijkt namelijk puur naar marktwerking en concurrentie. Voor de nationale veiligheid is er een ander instrument, de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames (Vifo).

Het Bureau Toetsing Investeringen (BTI) voert momenteel een diepgaand onderzoek uit. De aangenomen moties dwingen de minister om dit onderzoek met een vergrootglas te bekijken. In tegenstelling tot de eerdere PostNL-casus, waarbij de minister de ACM-regels oprekte voor het ‘algemeen belang’, kan de minister hier de overname simpelweg blokkeren op basis van nationale veiligheid. De overname staat hiermee feitelijk op pauze.

Contractuele gevolgen voor DigiD

Het direct opzeggen van de contracten met Solvinity voor diensten als DigiD en MijnOverheid is technisch onmogelijk. Zulke grote en complexe infrastructuur verhuis je niet in een weekend. Er worden twee scenario’s voorbereid. Zo onderzoekt de overheid of de huidige contracten juridische ruimte bieden voor een vervroegde exit nu de eigendomsstructuur verandert van Nederlands naar Amerikaans.

De moties eisen dat kritieke infrastructuur bij voorkeur in Nederlandse of Europese handen blijft. Voor Kyndryl betekent dit dat zij een volgende aanbestedingsronde vrijwel zeker gaan verliezen. De politieke roep om soevereiniteit botst regelmatig met de IT-realiteit.

De Kamer heeft drie specifieke voorwaarden. Het moederbedrijf moet binnen de EU gevestigd zijn om te voorkomen dat gegevens onder de Amerikaanse Cloud Act vallen. Dit is het directe struikelblok voor Kyndryl. Er wordt geëist dat alleen gescreend Europees personeel toegang heeft. De technische uitdaging hierbij is dat Amerikaanse moederorganisaties vaak nog steeds theoretische ‘root-access’ of beheermogelijkheden behouden. Tot slot is er is een sterke voorkeur voor open source, omdat de broncode daarbij makkelijk te controleren is. Hoewel de DigiD-applicaties zelf Nederlands zijn (Logius), draaien ze vaak op Amerikaanse OS-distributies of virtualisatielagen (zoals VMware). De politiek wil deze afhankelijkheid nu versneld afbouwen.