St Jansdal en CAM IT Solutions voorlopig nog niet uitontwikkeld met elkaar

houten blokjes twee handen die bouwen

Ziekenhuis St Jansdal en CAM IT Solutions

De samenwerking tussen Ziekenhuis St Jansdal en IT dienstverlener CAM gaat een nieuwe fase in. De ‘oude’ CAMCUBE moet plaatsmaken voor de fonkelnieuwe werkoplossing op basis van VMware Workspace ONE. Beide partijen zijn al ruim zeven jaar aan elkaar verbonden. In die tijd groeide het vertrouwen tussen klant en dienstverlener. Maar het kwam – zoals de zegswijze het wil – te voet…

In een ver verleden beheerde Ziekenhuis St Jansdal haar eigen infrastructuur en oudgedienden herinneren zich dat er toen regelmatig verstoringen waren. De zoektocht naar een betere mix van zelf beheren en gebruikmaken van best practices resulteerde in de samenwerking met CAM IT Solutions. In 2013 rolde St Jansdal samen met CAM de CAMCUBE uit. Toen de huidige CIO, Robbert Dijkhuizen, twee jaar later aan boord kwam, draaide de werkplekoplossing nog niet helemaal stabiel. Inmiddels werkt het systeem al geruime tijd naar wens. “Wij weten elkaar te vinden en de samenwerking is zonder meer goed”, vertelt Dijkhuizen. Maar door de razendsnelle technologische ontwikkelingen en veranderingen in de maatschappij en de zorg is onvermijdelijk de dag aangebroken dat het oude vervangen moet worden.

Klaar tot 2025

Dijkhuizen legt uit dat de hardware waar het huidige platform op draait ‘end of life’ was. “We hebben regelmatig wat bijgekocht maar lopen op het einde. Daarnaast zaten we in de situatie dat onze licenties verliepen, dus die moesten ook worden vernieuwd. En we lopen steeds vaker tegen de grenzen aan van de oude CAMCUBE. Het werkt goed en het is stabiel, maar we missen functies als videobellen binnen de digitale werkplek en we willen meer mogelijkheden qua grafische toepassingen en performance. Kortom, we willen de eindgebruiker meer flexibiliteit bieden, zodat we klaar zijn tot 2025. Dus is het plan om de CAMCUBE 2025 zodanig in te richten dat we de komende jaren weer net zo stabiel voort kunnen. Ik heb er alle vertrouwen in dat we dit gaan bereiken. Daar komt wel bij dat het implementeren van dit nieuwe platform ook voor CAM nog relatief nieuw terrein is. Dus ja, zij moeten zich met dit product voor mij opnieuw bewijzen. De trends in de markt zijn een belangrijk reden voor mij om zo vroeg in de wedstrijd te stappen. Daarnaast zien we ook dat er nu nog meegedacht kan worden in het vormgeven van het nieuwe platform. Qua timing vielen de puzzelstukjes dus op de juiste plek; aflopende licenties, hardware die toe was aan pensioen en de kans om na Jeroen Bosch te starten. Langer wachten kon wel eens betekenen dat we voorlopig niet aan de beurt zouden zijn. Bovendien neemt de vraag naar nieuwe functionaliteit – die met het huidige platform onmogelijk is – toe vanuit het ziekenhuis.”

Gesprekken en plan

Anderhalf jaar geleden voerde St Jansdal de eerste gesprekken met CAM over de overstap naar een nieuw platform op nieuwe hardware. “Ik geloof in de richting en visie van CAM”, vertelt Dijkhuizen. “Dus voortgaan op een nieuwe CAMCUBE met een partij die onze organisatie kent, had mijn voorkeur. Sinds CAM bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis bezig is met de implementatie van dit nieuwe platform op basis van VMware Workspace ONE hebben wij er strategisch over gesproken met elkaar”, vertelt Dijkhuizen. “Wij leggen dan aan CAM onze wensen, behoeftes en ideeën voor en zij komen met een plan. Met als resultaat dat wij in de nieuwe omgeving een stap naar de toekomst zetten, terwijl de kosten nagenoeg gelijk blijven. Dat sprak mij uiteraard aan. Al met al ben je dus zomaar anderhalf jaar verder voordat de blauwdruk op tafel ligt, en dan kost het nog eens een half jaar tot negen maanden voordat het uiteindelijk werkt. Maar goed, een project waarin wij inspraak kunnen hebben en dat je gedegen doordenkt, kost nu eenmaal tijd. In de tussentijd besloot Willem Drijver, CEO van CAM en aanspreekpunt, om na ruim 30 jaar te vertrekken bij CAM. En CAM zonder Willem is voor ons best even wennen.”

Chemie

Dijkhuizen geeft aan dat hij in de samenwerking met CAM voornamelijk leunde op Drijver. “Voor mij is chemie met de mensen de achilleshiel in een samenwerking. We moeten snel met elkaar kunnen schakelen en als er brand is moeten we ervan op aan kunnen dat als we iemand bellen er direct actie wordt ondernomen. Natuurlijk verloopt geen enkele samenwerking zonder hobbels. Af en toe moet er met de vuist op tafel worden geslagen. De zoektocht naar de chemie met ‘het nieuwe CAM’ is even spannend. Ook kijken we met interesse naar de rol en mogelijke voordelen van KPN in deze. Ik ga ervan uit dat we hier samen sterker uit tevoorschijn gaan komen, iets waar onze medewerkers van zullen profiteren.”

Track record

Gelukkig kennen St Jansdal en CAM elkaar al langer dan vandaag. Er is zeker vertrouwen in de mensen en in het product. Dijkhuizen: “Uiteindelijk weet ik dat ze het kunnen, hun track record ligt er. Bovendien sta ik niet alleen. Wij hebben goed contact met andere ziekenhuizen, wat helpt om sneller de kinderziektes uit het nieuwe platform te halen. We sparren ook regelmatig met St Antonius in Nieuwegein, waar ze met hetzelfde EPD werken.”
Op dit moment vraagt Dijkhuizen zich vooral af of er voldoende snelheid kan worden gemaakt om de ambities van St Jansdal binnen een acceptabele termijn te realiseren. “Onze nieuwe hardware staat er al, dus die wil ik zo snel mogelijk inzetten. Met CAM hebben wij een all-in deal waarbij zij veel voor ons regelen. Dat ontlast ons van een hoop werk, wat ik prima zou kunnen doen als wij groter waren. Een academisch ziekenhuis heeft daar zelf de mensen voor. Maar juist door onze omvang met een IT-afdeling van ongeveer vijfentwintig techneuten is het erg prettig om ergens op terug te kunnen vallen.”
Dijkhuizen heeft de duidelijke wens om gefaseerd over te gaan naar de nieuwe infrastructuur. “Dat is nu typisch iets voor CAM om uit te zoeken hoe dat kan en wanneer”, vindt hij. “Wij hebben daar wel ideeën over, maar we gaan natuurlijk niet voor niets met zo’n partij in zee. Het doel van dit alles is om onze klanten (‘de gebruikers in de zorg’) zo snel mogelijk de voordelen laten te zien! Daarbij is voor ons het belangrijkste het ontsluiten van die virtuele werkplek voor onze medewerkers. Die zou ik na de zomervakantie live willen hebben.”

Goede eigenschappen

Dijkhuizen twijfelde er niet aan om de migratie naar een nieuw platform te ondernemen met de bestaande leveranciers. “Toen ik bij St Jansdal begon was de CAMCUBE nog niet helemaal stabiel en die draait inmiddels alweer jaren als een tierelier. Tegelijkertijd is de continuïteit nog stabieler nu CAM deel uitmaakt van KPN. Het is voor mij essentieel dat CAM hun goede eigenschappen blijft laten zien. Ongetwijfeld was het met een compleet nieuwe partner nog veel moeilijker geweest.

Ambitie

Het is van grote waarde dat de eigen beheerders van St Jansdal en het CAM-team elkaar kennen en weten te vinden. “Die klik is er”, bevestigt Dijkhuizen. “Daar hebben we de afgelopen jaren met elkaar hard aan gewerkt. Bij de overname van het ziekenhuis in Lelystad heb ik wel geleerd wie voor ons de belangrijkste leveranciers waren en op wie ik echt kon rekenen. Dat was een megaproject waarbij we in drie maanden tijd anderhalf keer zo groot zijn geworden. Mede dankzij CAM was het allemaal raak en deed alles het op dag één, zonder al teveel spanning of gedoe. Dat is voor mij wel partnership. Natuurlijk wordt er wel eens gemopperd, maar ondertussen krijgt CAM wel een dikke zeven als waarderingscijfer. En ook nu zitten we weer in een mooi traject. Nee, we zijn nog lang niet uitontwikkeld met elkaar. Het is nu eenmaal inherent aan mijn positie om de overbodige lucht uit het project te persen. In het verleden bleek de planning van CAM vaak te ambitieus, maar ze hebben kennelijk aan hun verwachtingsmanagement gewerkt. Het heeft ook wel weer zijn charme om op safe te spelen, maar nu ook weer niet té safe. Mijn feedback is dan ook, blijf realistisch maar hou de ambitie er wel in. De techniek zit wel snor en we zijn aan beide kanten overtuigd van de route waar we heen willen. We steggelen, maar ik verwacht geen breekpunten. Het is nu aan CAM om te bewijzen dat de nieuwe oplossing op dag één net zo stabiel zal zijn als de oude op dit moment is en dat het ons nieuwe kansen gaat bieden. Hopelijk hoor ik snel de eerste positieve reacties van collega’s in het ziekenhuis. Als dat gebeurt, kunnen we van een succes spreken!”

Gerelateerde berichten...

X