De roep om een eerlijk digitaal platform is groter dan ooit

Nu zo ongeveer de helft van onze wereldbevolking online is, vraagt zelfs de geestelijk vader van het internet, Tim Berners-Lee, zich af of het wel verstandig is dat ook de tweede helft van de populatie aanhaakt. Verdere digitalisering lijkt gepaard te gaan met een afnemend vertrouwen.

De afgelopen jaren zijn diverse traditionele instituten als de kerk, overheid, het mannelijk geslacht, de democratie en bekende automerken zoals Volkswagen, van hun voetstuk gevallen. Van sjoemelsoftware en #Metoo-campagnes tot verkiezingsmanipulaties: de breuken in het oude systeem worden zichtbaar. Ook ons vertrouwen in platformbedrijven als Facebook, Google, AirBNB en Uber krijgt rake klappen te verwerken. Denk aan Cambridge Analytica die op grote schaal Facebook-gegevens heeft misbruikt of de machtsmonopoliepraktijken van Google die nu door de Europese Unie flink beboet wordt. Wie of wat valt er in de toekomst nog te vertrouwen? Met het oog op verdere digitalisering van de samenleving is een nieuwe kijk op de blockchain meer dan wenselijk.

 

Voortbestaan van de mens

Cambridge Analytica wordt beschuldigd van datadiefstal en onwettelijk ingrijpen in de democratie door psychografische beïnvloeding van Amerikaanse kiezers. Dit konden ze doen dankzij Facebook die dit allemaal onder eigen neus zag gebeuren. De macht van de Big Five is ongeëvenaard. Dit jaar kunnen Google, Facebook, het Chinese Tencent, Baidu en Alibaba tweederde van alle wereldwijde advertentiedollars op hun reeds imposante bankrekeningen bijschrijven. Inmiddels waarschuwen meer mensen en instituten voor de mate waarin wij afhankelijk worden van de machinerie van deze grootmachten. Hun algoritmes en filters bepalen steeds meer de wijze waarop wij de wereld ervaren. Normen en waarden van deze bedrijven worden op deze manier de normen en waarden van onze samenleving. Het is nooit onze bedoeling geweest dat we afhankelijk worden van het regime dat de kunstmatige intelligentie ons oplegt. En daarmee het voortbestaan van de mens bedreigt, zolang deze organisaties niet hun verantwoordelijkheden nemen of de wet- en regelgeving paal en perk stellen.

 

Het internet is nog jong

De vraag is of je het deze bedrijven kan verwijten. Google is nog geen twintig jaar oud, Facebook is een dertienjarige puber en Twitter bestaat ook slechts elf jaar. Als je de ontwikkeling van het internet vergelijkt met die van de auto, valt direct op dat er na twintig jaar digitalisering nog steeds geen veiligheidsgordels, airbags, emissiecontroles of verplichte kreukelzones bestaan voor het wereldwijde web. Het iconische boek van Ralph Nader over de gevaarlijke praktijken van de auto-industrie ‘Unsafe at any speed’ bracht in de jaren zestig een kentering teweeg. Na verschijning van het boek werden in een rap tempo regels voor verkeersveiligheid ingevoerd. Vijftig jaar later is het moment aangebroken voor een nieuw hoofdstuk, ‘Unsafe at any click’. Er moet wat gebeuren om weer op een verantwoorde manier te profiteren van nieuwe technologische mogelijkheden. Dat is meer dan ooit nodig, zeker nu we nog geen flauw idee hebben wat de inzet van kunstmatige intelligentie ons allemaal gaat brengen. Het vertrouwen in technologie moet weer het rechte pad op. We vertrouwen de bedrijven of instituten die aan de knoppen zitten niet langer. De platforms waarop de duim omhoog of naar beneden gaat of de paar sterren die een product krijgt, zijn de toevluchtsoorden waar we vertrouwen denken te vinden. Maar als blijkt dat ook dat allemaal te manipuleren is door trollen, nepvolgers of allerlei andere slimme technieken, is het technologiehek volledig van de dam.

 

Nieuwe zoektocht naar digitaal vertrouwen

We hebben een nieuw fundament nodig onder onze economie om vertrouwen te organiseren tussen de verschillende actoren in de media, in de handel en in de relatie tussen overheid en burger. Dat is geen toekomstfantasie, maar harde noodzaak.

Het verlies van onze digitale soevereiniteit, het verdoezelen van feiten en waarheden en monopolievorming zorgen voor onbalans. Het idee is dat de blockchain voor een oplossing kan zorgen om vertrouwen te organiseren. De blockchaintechnologie biedt mogelijkheden om gelijkheid, soevereiniteit en realiteit te coderen en verder te distribueren. De blockchain kan dienen als ‘fake news bestrijder’ (zoals Factom). Veel van de blockchainoplossingen voor valse informatie zijn terug te voeren op het vaststellen van identiteit. Dat kan een beeld zijn, een document of een persoon.

Verder kan het blockchainprotocol de monopoliepositie van de grote platformbedrijven doorbreken. In tegenstelling tot andere netwerkprotocollen is het blockchainprotocol een ‘fat’ protocol dat uitgaat van egaliteit en niet van het ‘winner-takes-all’ principe. Uiteraard kunnen op deze protocollaag ook allerlei applicaties gebouwd worden. Alleen biedt het de makers niet de voordelen die de bekende platformbedrijven hebben, omdat de potentiële waarde van de data het systeem niet verlaat. De gegevens blijven in bezit van de eigenaren van de data.

 

Regie in eigen handen

Tenslotte geeft de blockchaintechnologie het stuur terug in handen van de eigenaar. Zogenaamde ‘gratis’ platformen die onbeperkt data over ons verzamelen, maken plaats voor systemen waarbij je zelf kiest wat je wilt afnemen, waar je voor wilt betalen en waarvoor je betaald wilt worden. Je krijgt de controle over je eigen identiteit. En belangrijker nog; de controle over wie welk deel van jouw informatie mag gebruiken.

Ik zeg niet per definitie dat blockchain het nieuwe walhalla is. Ook die technologie moeten we net zo kritisch blijven benaderen als elke andere technologie die zich openbaart. Van een technologie die zichzelf in tijden van een vertrouwenscrisis heeft aangekondigd als het vertrouwensprotocol mogen we echter wel wat verwachten. Natuurlijk is er meer nodig, zoals een behoorlijke dosis gezond verstand van bestuurders, wetgevers en consumenten. Er is niks mis met gezond wantrouwen. Maar als massale manipulatie, machtsmisbruik en misinformatie de norm worden dan zijn we hard op weg naar een volgende crisis.

Menno van Doorn is directeur Verkenningsinstituut Nieuwe Technologie (VINT) van it-dienstverlener Sogeti

 

 

 

Gerelateerde berichten...

X