Raad van State: Kamer moet duidelijker zijn over nieuwe bewaarplicht telecomgegevens

De Tweede Kamer moet beter uitleggen waar de bewaarplicht van telecomgegevens voor dient. Zo moeten de misdrijven waarvoor de staat telecomgegevens zou mogen opvragen beter worden beschreven. Dat stelt de Raad van State in een advies aan de Tweede Kamer. De Kamer diende gisteren een wetsvoorstel in over de bewaarplicht. Het advies van de Raad werd daarom meteen ook openbaar.

Het voorstel moet de opvolger worden van de in 2015 door de rechter ongeldig verklaarde telecomwet. Dat gebeurde in een kort geding dat tegen de staat was aangespannen door privacygroepen en kleine internetproviders. Vooral de uitgebreide bewaarplicht van telecomgegevens werd in de bezwaren gehekeld.

 

Bescherming

Sindsdien hoeven telecomproviders geen gegevens over gesprekken van klanten meer op te slaan. Als de nieuwe wet wordt aangenomen zou dat weer wel moeten. De Tweede Kamer noemt de nieuwe wet “in overeenstemming met de uitspraak van het Hof, waar het gaat om de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van burgers en de beveiliging van persoonsgegevens.”

Volgens minister Ard Van der Steur van Veiligheid en Justitie laat de praktijk zien dat bij ernstige criminaliteit verdachten niet meteen in beeld komen. Juist dan moeten ook telecommunicatiegegevens uit het recente verleden beschikbaar zijn.

 

Bewaartermijn

De nieuwe wet heeft een bewaartermijn van 6 maanden voor internetgegevens (zoals IP-adressen) en 12 maanden voor telefoniegegevens (zoals nummers en duur van het gesprek). Volgens van der Steur gaat het niet om de inhoud van een gesprek, maar enkel om de verkeersgegevens.

De toegang tot de gegevens wordt beperkt. De officier van justitie mag ze pas inzien na toestemming van de rechter-commissaris. Opslag van telecomgegevens mag alleen op grondgebied van de Europese Unie gebeuren. Dit moet ervoor zorgen dat het risico op toegang door onbevoegden zo klein mogelijk is.

Geef een reactie

Gerelateerde berichten...

X