Digitale euro: de acceptatieplicht komt eraan

Waarom elke IT-afdeling nu aan de slag moet

Digitale euro: de acceptatieplicht komt eraan

Het Europees Parlement wil definitief gaan praten over de komst van de digitale euro. Met een meerderheid van 416 stemmen gaan de officiële onderhandelingen met de EU-landen van start. Voor ondernemers heeft dit grote gevolgen. De meeste bedrijven moeten de munt‘ namelijk vanaf 2029 verplicht accepteren en hun ICT-systemen daarop aanpassen.

De digitale euro is al lang geen vaag plan meer, maar wordt steeds concreter. Het Europees Parlement heeft nu echt groen licht gegeven voor de nieuwe wetten rond de munt. Voor directeuren en managers is dit het moment om actie te ondernemen. De impact op de bedrijfsvoering en de IT-systemen wordt namelijk groot.

De digitale euro is iets anders dan huidige apps voor internetbankieren. Het geld op een normale bankrekening is een tegoed bij een commerciële bank. De digitale euro komt rechtstreeks van de Europese Centrale Bank (ECB) en moet gezien worden als de digitale versie van contant geld. Het is veilig, gegarandeerd door de overheid en bedoeld als extra optie naast cash of gewone bankrekeningen.

Hoe werkt het in de praktijk?

Voor de consument verandert er aan de buitenkant niet zo heel veel. De digitale euro werkt straks gewoon via een app op de smartphone of via een betaalpas. Je hoeft daarvoor niet over te stappen naar een andere bank. Gewone commerciële banken en betaalproviders in de EU worden namelijk verplicht om de digitale euro aan te bieden binnen hun eigen, bestaande bank-apps. Daarnaast komt er waarschijnlijk een aparte basis-app vanuit de ECB voor mensen die liever geen gebruikmaken van een commerciële bank.

Het grote verschil zit aan de achterkant. Binnen de app gebruik je een aparte ‘digitale portemonnee’. Daarin moet je geld storten en dat staat dus niet op de normale spaar- of betaalrekening. Het wordt waarschijnlijk ook mogelijk om automatisch bij te schrijven, wanneer het saldo te laag is. Omdat er een wettelijke limiet komt op hoeveel digitale euro’s een persoon mag bezitten, is het echt bedoeld om dagelijkse betalingen mee te doen, niet om grote bedragen op te potten.

Wat voor de consument een simpele handeling is, betekent voor de zakelijke achterkant een flinke operatie. Bedrijven kunnen niet simpelweg achteroverleunen en wachten tot hun huidige payment provider een extra knopje activeert. Omdat de munt direct via de infrastructuur van de centrale bank loopt, raakt het de kern van je systemen. Of het nu gaat om de kassa’s in een fysieke winkel, de betalingsverwerking in een webshop of de administratie in het ERP-systeem. De komst van deze munt vraagt om aanpassingen in de gehele IT-keten.

De ECB werkt hier al jaren aan. In 2021 zette de centrale bank een grote stap met het project. Eind vorig jaar bereikten de EU-ministers pas een politiek akkoord over de vervolgstappen. Europa doet dit voornamelijk om twee redenen. Mensen betalen steeds minder met cash geld en Europa wil minder afhankelijk zijn van Amerikaanse bedrijven zoals Visa en Mastercard.

Wat heeft de consument hier nou precies aan?

Het klinkt voor veel mensen als gedoe, zo’n apart digitaal potje bijhouden om dagelijkse betalingen te doen. Toch moet de digitale euro de consument een aantal belangrijke voordelen bieden die de huidige bank-apps niet hebben. Het grootste pluspunt is dat de munt werkt als een Europees digitaal vangnet. Als de systemen van grote Amerikaanse creditcardmaatschappijen of je eigen commerciële bank uitvallen door een storing of cyberaanval, ligt het betalingsverkeer direct plat. De digitale euro draait op een eigen, onafhankelijke overheidsinfrastructuur van de ECB en dient daardoor als de ultieme back-up.

Daarnaast wordt het mogelijk om met de digitale euro te betalen zonder dat je een werkende internetverbinding hebt. Huidige bank-apps vereisen die verbinding wel, waardoor je nu vaak niet kunt betalen in bijvoorbeeld ondergrondse parkeergarages, in het vliegtuig of tijdens een mobiele netwerkstoring. Met de digitale euro kan dat via bluetooth of NFC straks wel, simpelweg door twee smartphones dicht bij elkaar te houden.

Tot slot krijgt de consument de wettelijke garantie dat de basisservices altijd volledig gratis blijven en dat de munt overal in Europa verplicht wordt geaccepteerd. Het is voor de consument dus vooral een betrouwbare, universele digitale variant van het contante geld dat je nu voor de zekerheid in je fysieke portemonnee stopt.

Verplicht accepteren voor bijna elk bedrijf

Het Parlement stemde overtuigend voor. Het ging om 416 stemmen voor het plan, 169 tegen en 22 onthoudingen. Daardoor starten de definitieve gesprekken met de EU-landen. Voor de zakelijke markt is de acceptatieplicht het belangrijkste punt. Bijna alle bedrijven moeten de digitale euro straks namelijk gaan aannemen. Dat geldt voor gewone winkels, maar ook voor webshops.

Er zijn enkele uitzonderingen, waaronder zzp’ers en kleine bedrijven. Die hoeven niet mee te doen, behalve als zij nu ook al pinnen of andere digitale betalingen aannemen. Tegelijkertijd blijft contant geld gewoon bestaan, alhoewel dat ook gebonden is aan allerlei regels bij het uitgeven ervan. Bedrijven mogen cash niet verbieden en overheden moeten er daarnaast voor zorgen dat er genoeg geldautomaten blijven.

Ook gewone banken en betaalproviders in de EU moeten de digitale euro straks aanbieden. Voor consumenten wordt de digitale portemonnee gratis. Dat is een bewuste keuze van de politiek. Iedereen moet de digitale euro namelijk laagdrempelig kunnen gebruiken, net zoals gewoon contant geld. Voor de banken en betaalproviders ligt dat anders. Zij worden verplicht om de digitale portemonnee aan te bieden en de techniek erachter te onderhouden. Dit kost veel geld, maar ze mogen er geen kosten voor rekenen aan de burger. Hoe banken straks worden gecompenseerd voor deze IT-kosten, is dan ook een van de moeilijkste discussiepunten tijdens de komende onderhandelingen.

Privacy blijft gewaarborgd

Het Parlement eist daarnaast strenge privacyregels. Bij de controle van een betaling mogen geen persoonlijke gegevens worden gedeeld. Het systeem gebruikt alleen de data die echt nodig is om de betaling te doen.

Toch is er ook kritiek. Organisaties zoals Stichting Privacy First maken zich grote zorgen over de financiële privacy en de algehele rechtspositie van burgers. Zo zijn ze bang dat de overheid met een centraal digitaal systeem te veel controle krijgt over het betaalgedrag van burgers. De angst is dat er een infrastructuur wordt opgetuigd die de deur openzet voor vergaande surveillance, waarbij elke transactie kan worden gevolgd of gecontroleerd.

Hoewel het Parlement belooft dat de offline-modus de privacy beschermt, vrezen critici dat de risico’s voor de rechtspositie van de consument op de lange termijn simpelweg te groot zijn. Een dringend maatschappelijk debat over de opzet van dit systeem is volgens hen dan ook hard nodig.

De planning richting 2029

Nu de politiek akkoord is, gaan de experts praten over de techniek. Er moeten nog een paar flinke knopen worden doorgehakt. Zo komt er een grens aan het bedrag dat op zo’n type rekening mag staan. Dit moet voorkomen dat iedereen bij een crisis al zijn geld weghaalt bij de gewone banken. Ook de vergoedingen voor banken en betaalproviders moeten nog worden afgesproken.

De planning is wel al duidelijk. Volgens de officiële roadmap start de ECB in 2027 met de eerste grote praktijktesten. Als die pilots goed verlopen, volgt in 2029 de definitieve invoering voor het grote publiek.

Wat betekent dit voor de IT-afdeling?

Voor bedrijven betekent de acceptatieplicht vooral concreet werk aan de winkel voor de IT-afdeling. Dit is geen kwestie van simpelweg een vinkje aanzetten bij je huidige payment service provider (PSP). Omdat de digitale euro direct via de centrale bank loopt en een offline component heeft, raakt het de kern van de bedrijfssystemen.

Kassasystemen (POS) in fysieke winkels moeten straks bijvoorbeeld overweg kunnen met offline betalingen via bluetooth of NFC. Hierbij wordt direct data tussen apparaten uitgewisseld zonder actieve cloudverbinding. Webshops moeten hun checkout-pipelines aanpassen om deze nieuwe overheidsvaluta naadloos te ondersteunen. Bovendien moeten ERP- en boekhoudsystemen worden ingericht op de directe verwerking en reconciliatie van deze transacties, die volledig losstaan van het traditionele handelsverkeer via commerciële banken.

De invoering van de digitale euro wordt daarmee net zoveel een technische als een maatschappelijke uitdaging. Bedrijven moeten straks niet alleen klaar zijn voor de techniek, maar ook kunnen garanderen dat de privacy and security rondom deze transacties waterdicht zijn. Met 2029 aan de horizon lijkt de introductie nog ver weg, maar schijn bedriegt. Grote infrastructurele aanpassingen kosten tijd. De politieke besluitvorming is onomkeerbaar. Voor de boardroom betekent dit dat het integreren van deze publieke IT-infrastructuur met de eigen bedrijfssystemen nu echt op de strategische agenda moet.