2min Financieel

AP krijgt tijdelijk meer geld

AP krijgt tijdelijk meer geld

De Autoriteit Persoonsgegevens krijgt de komende jaren iets meer financiële ruimte dan eerder was voorzien, maar die verruiming blijkt tijdelijk. Vanaf 2029 daalt het budget van de privacytoezichthouder weer en vanaf 2030 komt het bedrag volgens de huidige meerjarenraming onder de 50 miljoen euro uit.

Voor 2027 is 56,833 miljoen euro begroot. Dat is bijna 3,8 miljoen euro meer dan eerder voor dat jaar was voorzien. Tegelijkertijd betekent het bedrag een daling ten opzichte van 2026, toen de AP uiteindelijk over bijna 60 miljoen euro beschikte. Voor 2028 zakt het budget verder naar 54,184 miljoen euro.

Tijdelijk

Daarna zet de daling door. Voor 2029 staat 51,766 miljoen euro in de begroting, gevolgd door 49,407 miljoen euro in 2030 en 48,876 miljoen euro in 2031. Daarmee neemt de financiële ruimte van de toezichthouder aan het einde van het decennium duidelijk af.

De bedragen staan in de begroting van het ministerie van Justitie en Veiligheid voor 2027, die onderdeel uitmaakt van de op Prinsjesdag gepresenteerde Rijksbegroting. De Miljoenennota 2027 en de bijbehorende begrotingen werden op 15 september aan de Tweede Kamer aangeboden.

Budget

De ontwikkeling is opvallend omdat de Autoriteit Persoonsgegevens al jaren pleit voor een aanzienlijk hoger structureel budget. De toezichthouder stelt dat minimaal 100 miljoen euro per jaar nodig is om haar wettelijke taken voldoende te kunnen uitvoeren. Daarbij wijst de AP onder meer op de sterke digitalisering van de samenleving, de groei van kunstmatige intelligentie en het steeds grotere belang van toezicht op algoritmen en gegevensverwerking.

De AP heeft eerder aangegeven dat gebrek aan capaciteit ertoe leidt dat klachten niet altijd snel genoeg kunnen worden behandeld. Ook stelt de toezichthouder dat uitbreiding nodig is om niet alleen reactief, maar ook proactief toezicht te kunnen houden op organisaties en nieuwe technologie.

Nieuwe begrotingscijfers

De nieuwe begrotingscijfers leveren daardoor een gemengd beeld op. Voor 2027 en 2028 valt de financiering gunstiger uit dan eerder geraamd, maar van een structurele versterking is geen sprake. Vanaf 2029 krimpt het beschikbare bedrag opnieuw.

De plannen zijn bovendien nog niet definitief. De begrotingen moeten nog door het parlement worden behandeld en kunnen tijdens dat proces worden aangepast.