Microsoft werkt aan een nieuwe optie in Windows 11 waarmee gebruikers lokale AI-modellen eenvoudiger kunnen verwijderen. De functie is nog niet officieel aangekondigd, maar werd ontdekt in een recente experimentele Insider-build van Windows 11. Voor gebruikers van Copilot+ pc’s kan de nieuwe knop interessant zijn, omdat sommige ingebouwde AI-onderdelen meerdere gigabytes aan schijfruimte innemen.
De ontdekking werd gedaan in Windows 11 Insider Experimental preview build 26300.8553. In de officiële changelog werd de functie nog niet genoemd, maar Windows-volgers op X, zagen in de instellingenpagina een verborgen optie om AI-componenten te verwijderen. Het lijkt te gaan om een eenvoudige verwijderknop waarmee een AI-model met één handeling kan worden gedeïnstalleerd. Na een herstart van het systeem wordt het onderdeel vervolgens verwijderd.
De functie past in de bredere ontwikkeling van Windows 11, dat sinds versie 24H2 duidelijker is opgesplitst in gewone pc’s en zogenoemde Copilot+ pc’s. Die laatste categorie is door Microsoft gepositioneerd als nieuwe generatie AI-pc’s, uitgerust met krachtigere hardware voor lokale AI-verwerking. Waar de minimale systeemeisen voor een gewone Windows 11-pc op papier onder meer 4 GB werkgeheugen en 64 GB opslagruimte omvatten, gelden voor Copilot+ pc’s zwaardere eisen. Die systemen moeten beschikken over ten minste 16 GB werkgeheugen, 256 GB opslag en een NPU met minimaal 40 TOPS aan rekenkracht.
Opslagruimte
Die hogere eisen zijn niet toevallig. Copilot+ pc’s voeren een deel van hun AI-taken lokaal uit, dus op het apparaat zelf in plaats van uitsluitend in de cloud. Dat vraagt niet alleen om extra rekenkracht, maar ook om opslagruimte voor de modellen die deze functies mogelijk maken. Een van die onderdelen is Phi Silica, een compact taalmodel van Microsoft dat lokaal op de NPU kan draaien. Het model kan worden gebruikt voor taken als samenvatten, herschrijven en tekstgeneratie. Volgens de ontdekte instellingen neemt dit onderdeel alleen al meer dan 2,5 GB aan schijfruimte in.
Naast Phi Silica bevatten Copilot+ pc’s ook andere AI-componenten. Zo is er een model voor het maken van afbeeldingen op basis van tekstprompts, een model voor beeldanalyse en een onderdeel voor beeldbewerking. Dat laatste kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor functies als objectverwijdering of het intelligent reconstrueren van achtergronden.
Opslagcapaciteit
Voor veel gebruikers zullen deze mogelijkheden nuttig zijn, maar niet iedereen gebruikt lokale AI-functies actief. In dat geval nemen de modellen vooral ruimte in. Zeker op laptops met beperkte opslagcapaciteit kan enkele gigabytes vrijmaken aantrekkelijk zijn. De nieuwe verwijderknop zou gebruikers daarom meer controle geven over welke AI-onderdelen zij wel of niet op hun systeem willen behouden.
De ontwikkeling past ook in een bredere discussie over ingebouwde AI-functies in software. Steeds meer programma’s installeren lokale modellen die handig kunnen zijn, maar ook opslagruimte en systeembronnen gebruiken. Eerder was er al aandacht voor een AI-model in Google Chrome dat ongeveer 4 GB ruimte in beslag nam. Microsoft lijkt met deze nieuwe optie te erkennen dat gebruikers zelf moeten kunnen bepalen of zij zulke componenten nodig hebben.
Verborgen functie
Omdat het om een verborgen functie in een experimentele testversie gaat, is nog niet zeker wanneer en of deze verwijderknop beschikbaar komt voor alle Windows 11-gebruikers. Wel laat de ontdekking zien dat Microsoft werkt aan meer beheeropties rond de ingebouwde AI-laag van Windows. Daarmee wordt AI niet alleen dieper in het besturingssysteem geïntegreerd, maar krijgen gebruikers mogelijk ook meer zeggenschap over de ruimte die deze technologie op hun pc inneemt.