5min Ondernemen

Waarom cultuur bepalend is voor het succes van AI: het dichten van de AI-productiviteitskloof

Een man met een headset-microfoon spreekt op het podium, houdt een apparaat in zijn ene hand en gebaart met de andere.
Waarom cultuur bepalend is voor het succes van AI: het dichten van de AI-productiviteitskloof

Bestuurders investeren wereldwijd fors in AI. Velen zeggen echter nog geen duidelijke invloed te zien op de productiviteit. Deze paradox suggereert niet dat AI wordt overschat, maar dat de focus verkeerd ligt. De echte kansen en uitdagingen liggen in het aanpassen van cultuur, processen en bedrijfsstrategieën. Toch gaat de aandacht onevenredig vaak uit naar de prestaties van AI-modellen, technische benchmarks, enorme investeringen en de zogenoemde wereldwijde strijd tussen concurrerende AI-bedrijven.

Een recent rapport van het Hoover Institution bevestigt de kloof tussen kansen, uitdagingen en de inzet van AI. Uit een enquête onder bijna 6.000 CEO’s, CFO’s en andere executives uit 14 sectoren in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, de VS en Australië blijkt dat 70% van de bedrijven AI gebruikt, terwijl meer dan 80% aangeeft geen effect te zien op de productiviteit.

Tegelijkertijd zeggen analisten dat 75% van de CFO’s hun technologie-uitgaven dit jaar wil verhogen. Deze transformatiekloof – de kloof tussen investering en impact – is één van de belangrijkste uitdagingen waar managers nu mee te maken hebben.

Belangrijke AI-succesfactoren worden over het hoofd gezien

De analyse in het Hoover-rapport is veelzeggend, juist door wat er níet in staat: termen als “cultuur” en “transformatie” ontbreken. Ook is er geen aandacht voor leren tijdens het werk, training of opleiding. Cultuur is enorm bepalend voor strategie – ook als het om AI gaat.

Ter vergelijking: de CEO van een toonaangevend AI-bedrijf besteedt naar eigen zeggen zo’n 40% van zijn tijd aan de bedrijfscultuur. En als je kijkt naar waar er écht waarde wordt gecreëerd met AI, investeren de meest waardevolle bedrijven volgens de Boston Consulting Group vooral in mensen, processen en cultuur (70%), gevolgd door data en technologie (20%), en pas daarna in algoritmen (10%).

Toegegeven, de definitie van cultuur kan lastig te bepalen zijn en er bestaat geen eenduidig antwoord. Maar wat wordt erkend en beloond, hoe besluitvorming wordt gedeeld en gedelegeerd, en hoe mensen zich gedragen onder druk, zijn goede indicatoren van de werkelijke cultuur van een organisatie en deze gaan voorbij aan de waarden die op hun intranet of website staan.

Het rapport van het Hoover Institute spreekt over CEO’s die ‘AI gebruiken’, alsof het een losse tool is waar je af en toe inlogt. In werkelijkheid is AI een uitvoeringslaag die door alle processen en workflows heen loopt—zoals internet of wifi dat vandaag de dag doet in winkels, kantoren en de werkomgeving. Leiderschap en voorbeeldgedrag zijn belangrijk bij transformatie, maar succes laat zich niet aflezen aan het aantal uren dat een CEO in een chatbot doorbrengt.

AI moet de taal spreken van de C-suite

Met de juiste cultuur en AI-capaciteiten kan een breed scala aan werk worden verbeterd, waardoor automatisering intelligenter, autonomer en adaptiever wordt. Intelligente operaties en klantgerichte AI-ROI zijn essentieel voor bedrijven: het resulteert in meer output, minder downtime, betere productkwaliteit, adaptieve processen en hogere klanttevredenheid en loyaliteit.

Deze voordelen moeten worden vertaald naar de taal van de C-suite: omzetgroei, winst, EBITDA en winst per aandeel. Het Hoover-rapport zet een stap in de goede richting door productiviteit te koppelen aan omzet per medewerker.

Investeringen in strategie en cultuur maken concreet waar AI waarde toevoegt: AI-agents die personeelsverloop en wervingskosten verlagen, personalisatie die de bestedingen van klanten verhoogt en deep learning die op productielijnen kwaliteitsproblemen en terugroepacties voorkomt. Voor bedrijfsleiders telt dat AI zowel operationele als financiële waarde oplevert.

Ik ben het ook eens met professor Carl Benedikt Frey, die stelt dat het implementeren van AI niet resulteert in duurzame welvaart als het vooral wordt ingezet om bestaande processen te automatiseren. Echte doorbraken ontstaan door nieuwe industrieën, niet door het efficiënter doen van wat we al deden.

AI zal waardevolle werktijd besparen. Het zou echter een gemiste kans zijn als we deze tijd alleen besteden aan “meer van hetzelfde” – of zelfs helemaal niks – omdat de cultuur niet klaar is voor innoveren en experimenten met AI. Die “hoogwaardigere taken” waar we het over hebben, kunnen juist de grote doorbraken zijn.

Verandering vraagt om verbeelding

Sommigen grijpen misschien terug op de beroemde paradox van Nobelprijswinnaar Robert Solow, die ooit zei: “Je ziet het computertijdperk overal, behalve in de productiviteitscijfers.” Met terugwerkende kracht weten we dat deze paradox niet over technologie gaat.

Computers hebben verschillende bedrijfsfuncties ondersteund, maar pas in de jaren ’90 kwam de toename in productiviteit echt op gang. Dit was niet alleen een kwestie van technologie die beschikbaar kwam en werd geïmplementeerd, maar vooral van bedrijfstransformatie, wat economen ‘totale factorproductiviteit’ noemen. Het is een lastige realiteit voor een bedrijfswereld die vooruitgang meet  per kwartaal. We zien al positieve resultaten op organisatieniveau in verschillende sectoren, maar nieuwe manieren van werken zijn nog niet doorgebroken op grote schaal.

Het is moeilijk om je voor te stellen wat er nog niet bestaat: nieuwe manieren van werken, nieuwe functies, nieuwe bedrijven of zelfs compleet nieuwe sectoren. Maar we kunnen vertrouwen op het vermogen van mensen om deze kansen te benutten. Onderzoek toont tenslotte aan dat de helft van de toename van het aantal banen tussen 1980 en 2007 bestond uit functies met nieuwe functietitels en taken.

Technologie ontwikkelt zich vaak sneller dan de organisaties die haar willen benutten. De adoptietijd van AI is korter dan bij eerdere technologieën, maar dat betekent ook dat makkelijke adoptie al snel de basis wordt in plaats van een concurrentievoordeel. AI-initiatieven moeten daarom direct gekoppeld worden aan operationele, culturele en financiële investeringen en maatstaven. De echte doorbraken die het werk daadwerkelijk gaan verbeteren en organisaties vooruithelpen – vereisen meer dan alleen AI.

Dit is een ingezonden bijdrage van Zebra Technologies EMEA. Via deze link vind je meer informatie over de mogelijkheden van het bedrijf.